Waarom we de verkeerde discussie voeren als het om salarisverschillen gaat tussen mannen en vrouwen

De nieuwe feministische golf die door de Westerse wereld woedt heeft een belangrijk speerpunt welke ze aandragen; namelijk het salarisverschil tussen mannen en vrouwen. Mannen zouden per definitie meer salaris krijgen voor een functie dan een vrouw, ongeacht ervaring of kennis.

Dit vraagstuk fascineert mij.

Ik heb een eigen bedrijf genaamd Creating Smiles en richt zich op loopbaancoaching. Stel nou dat de zaken zo goed zouden gaan dat ik zou willen uitbreiden en ik een vacature opstel. Volgens bovenstaande stelling zou ik wel gek zijn om een man aan te nemen, een vrouw zou een veel betere investering zijn. Ik zou, uitgaande dat zowel de man als de vrouw even competent zijn, geld besparen door een vrouw aan te nemen. Waarom zou ik voor de duurdere optie gaan als de kwaliteit daarbij hetzelfde blijft?

Ons economisch denken zou resulteren in een enorme groep werkloze mannen en een arbeidsmarkt gevuld met vrouwen. Want ieder bedrijf bekijkt hoe ze de loonkosten kunnen verlagen. Als vrouwen per definitie goedkopere arbeidskrachten zijn dan mannen dan zullen weinig bedrijven mannen aannemen. Maar dit is niet het geval. Zowel mannen als vrouwen nemen deel aan de arbeidsmarkt. Waar komt dan de claim vandaan?

Er gaan stemmen op dat het vraagstuk omtrent salarisverschillen meer branche georiënteerd zijn dan gebaseerd op wat er wel of niet tussen je benen hangt. Bepaalde industrieën en vakgebieden bieden een hoger salaris dan anderen. Een social media manager verdient meer dan een verpleegkundige. Ondanks dat ze allebei een HBO opleiding hebben genoten. Een accountant verdient meer dan een leerkracht, etc. Hierbij lijkt het erop dat de stereotype vrouwelijke beroepen minder hoog scoren op de salarisschaal dan de zogenaamd meer mannelijke beroepen.

Met lichte tegenzin schreef ik de laatste zin hierboven op. Want persoonlijk geloof ik niet in ‘mannelijke-‘ of ‘vrouwelijke beroepen’. Er zijn genoeg vrouwen die CEO zijn en er zijn genoeg mannen die werken in het onderwijs. Maar om het contrast helder weer te geven voelde ik me toch genoodzaakt om bovenstaande te schrijven.

Generalistisch gesproken kiezen vrouwen vaker voor een zorgfunctie en mannen meer voor een functie die hun status doet verhogen. De rol die arbeid inneemt kan in dat geval ook anders zijn. Waar de meer vrouwelijke beroepen een grotere sociaal-maatschappelijke impact hebben lijken de meer klassiek mannelijke beroepen vaker voor inkomen en status te gaan. Wederom, dit is generaliserend.

Eigenlijk zouden we de discussie moeten voeren over waarom bepaalde branches relatief zo slecht verdienen en dat andere beroepen met een lagere maatschappelijke impact juist zoveel welvaart en status vergaren. Wat doet de bankier om het leven in onze maatschappij wat prettiger te maken? Wat levert de consultant aan onze maatschappij om de levensstandaard te verhogen? En vergelijk dat eens met de leerkracht, verpleegkundige, politieagent, enz. Helaas leven we in een wereld waarin welvaart en status nog steeds belangrijke pijlers zijn voor maatschappelijk succes, dus ik snap de zorgen van de feministen wel.

Het probleem zijn niet de mannen. Het probleem zit ‘m erin welke vorm van arbeid we hoog belonen en welke minder. Dit is niet een genderprobleem maar een economisch probleem. Welke prijs zijn we bereid te betalen voor de arbeid die men levert? Klaarblijkelijk vind de markt dat leerkrachten en verpleegkundigen secundair zijn tegenover CEO’s en bankiers. En ja, de CEO en de bankier draaien belachelijke uren en hebben in veel gevallen een zwaardere studie achter de rug. Maar dit is een persoonlijke keuze geweest, uitgaande dat deze mensen niet gedwongen werden om achter de studieboeken te kruipen. Dit zit gekoppeld aan de persoonlijke aangeboren talenten; de ene persoon is nou eenmaal meer een (commerciële) doorzetter en de ander is nou eenmaal meer verzorgend van aard. Beide talenten zijn nuttig en belangrijk, maar je kan niet verwachten dat iemand die van nature zorgzaam is de werkhouding kan aannemen van een CEO die geboren is met een sterk doorzettingsvermogen. Net zoals je niet hoeft te verwachten dat de bankier zorgzaam is als hij weer eens een belachelijk ingewikkeld financieel pakket verkoopt waarvan de bankier weet dat het een zeer risicovol product is.

Hierbij lijkt het erop dat het ene aangeboren talent nuttiger is als je de sociaaleconomische ladder wil beklimmen dan de andere. En eigenlijk is dat best vreemd, aangezien je er niet voor kiest welke talenten je bij je geboorte cadeau krijgt. Dat de zogenaamde ‘mannelijke’ karaktereigenschappen meer salaris opstrijken dan de zogenaamde ‘vrouwelijke’ karaktereigenschappen is zorgelijk te noemen. Ik snap de zorgen van de feministen wel.

Voor de goede orde; ik ben geen communist en geloof er niet in dat iedereen evenveel zou moeten verdienen. Dat experiment hebben we in de vorige eeuw uitgevoerd en bleek een fiasco.

Ik denk dat we weer moeten gaan nadenken over de aard van arbeid. Waarom werken we? Is dat puur en alleen voor de eigen professionele ontwikkeling en voor het vergaren van welvaart, of leveren we met onze arbeid een maatschappelijke bijdrage om zo de levensstandaard van onze omgeving te vergroten?

En misschien ligt daar ook de oplossing voor dit probleem. Want we zijn vrij in Nederland om een loopbaan vorm te geven die bij ons past. Hier zou ik niets aan willen veranderen. Maar zoals eerder beschreven zal een zorgzaam persoon welke authentiek blijft altijd verliezen van iemand die toevallig geboren is met een sterke drang om financieel succes te behalen. We beoordelen onze arbeid niet op maatschappelijke impact maar op marktwaarde. Wat zou er gebeuren als we bijvoorbeeld beroepen met een hoog maatschappelijke impact in een veel lagere belastingtarief indelen? Dan houden de leerkrachten en de verpleegsters meer geld over aan het einde van de maand. Ze betalen minder belasting omdat hun arbeid al een grote maatschappelijke bijdrage levert. En de social media manager komt in een hoger belastingtarief terecht omdat de maatschappelijke impact daarvan velen malen kleiner zijn.

We ondervinden nu de problemen als de essentiële beroepen op de proef worden gesteld. De druk op de ziekenhuizen wordt te groot door covid-19 waardoor we strenge maatschappelijke maatregelen hebben. Vele ouders (zoals ik) ondervinden de lasten als de scholen uitvallen. De last was veel lichter geweest voor de samenleving als alle CEO’s een maand lang niet mochten werken in plaats van dat de scholen gesloten zijn. En als alle bankiers voor een jaar extra moesten overwerken dan hadden we niet in een lockdown gezeten om juist het zorgpersoneel te beschermen.

En toch belonen we de CEO en de bankier vele malen meer dan de leerkracht en de verpleegkundige. Ik snap de zorgen van de feministen wel. Maar met de redenering dat mannen per definitie meer verdienen dan vrouwen puur om hun geslacht, daar heb ik mijn twijfels over.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *