Waarom de weg van de minste weerstand helemaal niet zo verkeerd is

Waarom de weg van de minste weerstand helemaal niet zo verkeerd is

Het onweerde. Ik liep even snel naar de supermarkt met een paraplu in de hand. Ik hoorde gerommel hoog in de lucht terwijl de regendruppels ritmisch tikte tegen de paraplu Ik bedacht me hoe stupide het zou zijn om nu op een groot open veld te lopen.  Op het moment dat de bliksem inslaat kiest deze altijd de weg van de minste weerstand. Als ik dus loop, met paraplu, over een uitgestrekte vlakte, dan zal de bliksem mijn paraplu als eerste willen bereiken. Deze is het dichtste bij en is dus de weg van de minste weerstand. Jep, da's een vreemde gedachtegang. En zo dwaalde mijn gedachten, terwijl ik stapsgewijs richting de winkel liep, af.

Ik realiseerde me dat vrijwel alles in de natuur de weg van de minste weerstand kiest. Water dat zich vormt tot een rivier kiest -je voelt 'm al aankomen- de weg van de minste weerstand. Alsof de rivier bij zichzelf bedenkt hoe die zo snel mogelijk bij de zee kan uitkomen. Zonder al te veel moeite. Of uitdagingen. Nou heeft water uiteraard geen gedachtegang, maar zo werkt het wel.

Vreemd hoe wij dan als mensen onszelf tegenwoordig een steeds hogere druk opleggen. We moeten altijd beter zijn dan gisteren. Waarom een acht halen voor een toets als je ook een negen kan halen? Work hard, play hard! Succes is een keuze! Dat soort uitspraken. We worden juist aangespoord om niet de makkelijke weg te kiezen. Je moet en zal de moeilijke weg kiezen. Om jezelf uit te dagen. Om de wereld te laten zien hoe hard je je best doet, Om maar constant je grenzen te verleggen. Je geluk ligt buiten je comfort zone! Tja, dat dus.

Mijn fantasie ging met me aan de haal. Terwijl ik nog steeds buiten liep stelde ik mezelf een scenario voor waarin een groep leeuwen bij elkaar kwam om nieuwe jaagtechnieken te bespreken. Of een zelf in elkaar gezette hindernisbaan voor de zebra's zodat ze beter konden leren vluchten. Want als die leeuwen nu aan het trainen zijn, dan moeten de zebra's natuurlijk wel bij blijven. Ik zag een groep gorilla's voor me die een cursus 'vlooien voor beginners' aan het volgen waren. Of een groepje merels die middels hun zangclubje proberen om voortaan in canon te zingen.

Hoe komt het toch dat we onszelf zo loskoppelen van het gene wat eigenlijk heel natuurlijk zou moeten aanvoelen? We laten ons gek maken door memes op de sociale media die ons zogenaamde inspiratievolle quotes aanbied. Of eigenlijk door de strot dauwt. Toch voelen we er ons door aangetrokken. De krachtige uitspraken spreken ons cognitief denkvermogen aan. Tja,  dat klinkt wel logisch. Maar is dat ook zo?

Iedereen op deze aardbodem wordt geboren met zogenaamde talenten; karaktereigenschappen die ons omschrijven. Sommige mensen zijn van nature zorgzaam terwijl andere mensen van nature weer erg analytisch zijn. Weer andere mensen zijn van nature creatief en anderen zijn gedreven. De natuur levert ons een prachtige mix van verschillende talenten en karaktereigenschappen zodat we elkaar kunnen aanvullen in groepsverband. Maar laat het nou net zo zijn dat we, in onze huidige maatschappij, bepaalde karaktereigenschappen hoger inschalen dan andere. Gedrevenheid. Risicovol gedrag. Extraversie. Winnaarsmentaliteit. Allemaal termen die anno nu erg tot de verbeelding spreken. Binnen ons huidige economische stelsel komen deze karaktereigenschappen volledig tot hun recht. En dan wordt je beloond met veel welvaart en status.

We laten ons dus maar al te graag de les lezen door een relatief klein selectief groepje mensen die ons wel even vertelt hoe het leven in elkaar steekt. We kijken tegen deze mensen op en willen hun gedrag kopiëren. En dus klikken we massaal op de like knop zodra zo'n 'pseudo-goedbedoelde meme' weer onze tijdlijn passeert. We moeten iedere dag een betere versie van onszelf laten zien. Want de meme zegt dat dat zo is.  Of dat videootje van een Hollywood ster die van niks naar absolute rijkdom ging. En dat het allemaal maar bestaat uit hard werken en niet opgeven. Als iedereen miljonair zou worden van hard werken en niet opgeven; dan waren de kinderen in de textielfabrieken in Bangladesh nu zo'n beetje de rijkste kinderen ter wereld. Of zouden alle verpleegkundigen en verzorgende in Nederland een enorm vermogen hebben vergaard. Ik geloof dat deze popie-jopie uitspraken een steeds grotere 'bullshit factor' beginnen te ontwikkelen.

Een ontwikkeling, persoonlijk of professioneel, is nooit een recht stijgende lijn. Op sommige momenten ontwikkelen we omdat het leven ons uitdagingen voorschotelt. Op andere momenten in ons leven kabbelt alles rustig door. En soms doen we ook weer een stap terug en stappen we in onze valkuil. Een mensenleven, met al haar levenslessen is een chaotisch gegeven. Soms moeten we bij schakelen naar een hogere versnelling, soms kunnen we rustig doorrijden in de versnelling waar we al in zitten.

De weg van de minste weerstand. Het klinkt allicht aantrekkelijk. En dat is het ook, vaak omdat de antwoorden die we zoeken in ons leven eenvoudiger zijn dan dat we denken. We hebben een gave om situaties die we meemaken moeilijker en ingewikkelder te maken dan dat eigenlijk nodig is. Wat zou er gebeuren in je leven als je besluit om vaker voor de makkelijkste oplossing te gaan? Dat je kiest voor een strategie die dicht bij je ligt? Dat je niet kiest voor de weg van de meeste weerstand maar dat je de grenzen van je comfortzone op zoekt. De weg van de minste weerstand symboliseert voor mij dan ook de weg die natuurlijk aanvoelt voor je. Een weg die voor jou klopt en past bij wie je bent. Dat je keuzes maakt omdat ze authentiek aanvoelen, niet omdat een meme of een goeroe jou daar toe oproept.

Een leeuw hoeft geen nieuwe jaagtechnieken te leren omdat de leeuw daar van nature al goed in is. Zebra's hoeven geen nieuwe vluchtroutes te bedenken omdat ze als collectief al precies weten wat ze moeten doen. En merels? Die kunnen al mooi zingen vanaf het moment dat ze geboren worden. Misschien wordt het tijd dat ook jij meer gaat kijken naar wat jij van nature al goed kan. En dat je daar je pijlen op richt. Datgene doen wat voor jou natuurlijk aanvoelt. Talentgericht werken.

En zo kwam ik aan bij de supermarkt. Ik klapte mijn paraplu dicht. Het is tijd voor de boodschappen.

online-video

Beste boze Nederlander

We zijn boos. Gefrustreerd. Het moet anders.

Vandaag las ik weer eens de reacties van FvD aanhangers op een Facebook post van deze politieke partij. We leggen de schuld van onze eigen ontevredenheid bij vluchtelingen, klimaatgekkies en de EU. En we leggen onze hoop bij politici als Thierry Baudet.

Wat zou er gebeuren als we zelf weer controle nemen? Zou loopbaancoaching de oplossing kunnen bieden om weer gelukkig te zijn?

Laat je inspireren op www.creatingsmiles.nl

Want de wereld heeft jouw talenten nodig... #juistnu

euro-76019_1920

Waarom een Basisinkomen een vertrouwenskwestie is

Ik moet bekennen dat ik dit artikel schrijf met een vooroordeel; namelijk dat ik al jaren enthousiast ben over dit concept. Dus ik ben wat bevooroordeeld,  mocht je dus een kritisch en onbevooroordeelde  blog over dit onderwerp willen lezen... dan zit je hier verkeerd. Ben je benieuwd waarom ik het concept van een OBI (Onvoorwaardelijk Basis Inkomen) als loopbaancoach omarm, lees dan verder. En ook voor de critici onder ons kan het een interessante blog zijn natuurlijk.

Even kort; wat houdt een OBI precies in? Een OBI kan je omschrijven als een uitkering voor iedereen.  Een soort  AOW, alleen dan als je 18 jaar bent. Het maakt niet uit of je rijk of arm bent, werkzaam of werkloos. Iedereen krijgt een vast bedrag vanuit de overheid dat overgemaakt wordt op je bankrekening. Je kan het vergelijken met zakgeld waarbij je een vast bedrag per maand krijgt. Gewoon omdat je bestaat. En als je er een baantje bij zoekt omdat je meer geld wil hebben, dan wordt dat niet gekort van je zakgeld. Da's dan gewoon extra geld wat op je binnen harkt. Over de hoogte en de precieze regeling van het OBI wordt nog druk gediscussieerd. Daar ga ik dan ook niet dieper op in. Ik bekijk dit concept dan ook door de ogen van een loopbaancoach, niet als beleidsmaker of accountant.

Waarom trekt dit concept mij zo aan?  Ten eerste om persoonlijke redenen. Ik geloof sterk dat ieder mens bepaalde talenten in huis heeft en een meerwaarde kan zijn voor onze samenleving. Ondanks dat onze maatschappij een enorme vrijheid hierin lijkt aan te bieden laat de praktijk zien dat dit niet altijd het geval is. Veelal laten we onze keuzes omtrent onze studie of loopbaan afhangen van financiële- en statusverhogende aspecten. We volgen onze honger naar deze punten sneller dan dat we ons hart volgen, met alle gevolgen van dien. Ook merk ik dat veel mensen een financieel 'zwaard van Damocles' boven zich voelen hangen. Ze zouden hun hart wel willen volgen, maar hun financiële situatie staat dit niet toe. Een enorm verlies aan potentieel.

Hier in Nederland hebben we, als ik even mag generaliseren, vrijheid hoog in het vaandel staan. We vinden vrijheid een belangrijke waarde in ons leven en vieren zelfs ieder jaar op 5 mei  onze bevrijding. Toch is het vreemd dat we, als we kijken naar onze visie op arbeid, we mensen dwingen om deel te nemen aan het arbeidsproces. We kijken mensen afkeurend aan als ze in de WW of de bijstand zitten. Oké, misschien jij niet, maar het gebeurt wel. Je moet tenslotte werken voor je geld. Je krijgt niet 'iets voor niets'. Je moet gewoon meedoen. Als een lemming de groep volgen richting de afgrond. Ondertussen mopperen we massaal over ons werk. Oké, misschien jij niet, maar kijk eens op o.a. sociale media hoe mensen staan te juichen als het vrijdag is en hoe ze mopperen dat het maandag is. "De vakantie duurde te kort!". Dat soort opmerkingen. Je bent dus helemaal vrij behalve de veertig uur in de week dat je hoort te werken. Dan moet je gewoon je burgerplicht voldoen. Dit klinkt voor mij als een contradictie, want als vrijheid echt een belangrijke waarde voor je is, waarom gun je dan niet iemand de mogelijkheid om te kiezen om deel te nemen aan het arbeidsproces?

Stel je eens voor dat je, bewijze van spreken, iedere maand €1000 op je rekening gestort krijgt. Zonder voorwaarden dus. Wat  zou dat betekenen voor jouw leven?  Zou je nieuwe keuzes gaan maken omtrent je loopbaan? Sluimert er misschien een stille wens om voor jezelf te starten maar doe je dat nu niet omdat het salaris van je werkgever nog te belangrijk is? Zou je een 180 graden switch willen maken en een totaal andere carrièrepad willen volgen? Misschien dat je juist je leven anders zou wil indelen door minder te gaan werken en meer tijd te besteden aan je gezin of familie? Zou je meer je hart willen volgen en een leven creëren waarin jij, met al je talenten en prachtige karaktereigenschappen, echt tot z'n recht zouden komen?

We leven in een tijd waarin producten en diensten in ruime overvloed aanwezig zijn. Schaarste kennen we niet. We hebben het, historisch gezien, nog nooit zo goed gehad. Het is bizar om te denken dat in een super rijk land als Nederland er nog steeds mensen rondom de armoede grens leven. Denk aan de mensen die gedwongen ontslagen worden omdat hun baan geoutsourced, gerobotiseerd/geautomatiseerd wordt? Reorganisaties zijn aan de orde van de dag. We moeten realistisch zijn en rekening houden met de technologische ontwikkelingen, maar denk ook aan de open grenzen en vrijhandels verdragen. De wereld is aan het veranderen waarbij we een sociaal beleid hebben dat daar niet op is ingericht.

"Maar wacht eens even; als we iedereen gratis geld geven dan gaat niemand meer werken!", hoor ik je denken. Oké, misschien geldt dit niet voor jou, maar alle andere mensen zouden de hele dag gaan zitten games en niks doen. Mensen zijn tenslotte niet te vertrouwen en zouden allemaal massaal misbruik maken van een OBI.  Toch? Of toch niet? Want uit verschillende onderzoeken blijkt dat mensen niet niks gaan doen als ze een OBI ontvangen. Ze maken wel andere keuzes in het leven, maar ze gaan niet stil zitten. Dit is een hardnekkig vooroordeel dat we hebben richting onze medemens.

"Hoe gaan we dat dan betalen, zo'n OBI?" is een vervolgvraag die je zou kunnen stellen. Daar zijn verschillende ideeën over, zoals het Basisinkomen 2.0. Nou ben ik geen econoom of accountant, dus de berekeningen neem ik op de koop toe.  Wat ik wel frappant vindt is dat de ECB jaren lang een QE beleid heeft doorgevoerd waarbij de ECB zelf geld creëerde om financiële instellingen van nieuw kapitaal te voorzien. En niet zomaar wat geld, maar in 2016 werd maandelijks een bedrag van €60- en later €80.000.000.000 overgemaakt naar financiële instellingen (overigens is dit nu gedaald naar €15 miljard per maand). En daar horen we niemand over, zoals de effecten van inflatie of koopkracht. Dat nemen we op de koop toe. Want dat zijn financiële instellingen. Die weten prima wat ze moeten doen met dat geld. Maar wij burgers, nee, wij zijn niet te vertrouwen. Oké, misschien ben jij wel te vertrouwen als je een OBI krijgt, maar de ander niet natuurlijk.

Het blijft bijzonder hoe we financiële instellingen, ondanks de crisis van 2008, blindelings vertrouwen, maar dat zaken als OBI ter discussie moeten worden gesteld. Eerst moeten er talloze trials plaatsvinden voordat we elkaar het vertrouwen gunnen op een leven gebaseerd op vrijheid, maar een QE wordt ingevoerd zonder dat men daadwerkelijk wist wat de effecten ervan zouden zijn. Zo stelde de Rabobank in een onderzoek in 2013 : [...]  Hierbij staat de vraag centraal of het beleid er in slaagt om met monetaire middelen de economische groei aan te wakkeren en het inflatieniveau omhoog te krijgen. [...].

Bottom line ben ik van mening dat de discussie omtrent het OBI niet is of we het kunnen betalen. Er is klaarblijkelijk geld genoeg binnen Europa en zeker binnen Nederland. De vraag is of we het willen. Vertrouwen we elkaar? Durven we ons Calvinistische denken te herzien naar een meer modernere variant hiervan? Moeten we anders gaan kijken naar de rol die arbeid in ons leven inneemt? Is het werken een plicht of is het een expressie van onze talenten en vaardigheden? Werken we voor status en geld of werken we om ons aandeel in een betere wereld vorm te geven? Welke toekomst willen we?

Het OBI debat begint steeds meer op te komen. Bijvoorbeeld door mensen als Rutger Bregman die er al een aantal jaar voor pleit. Elon Musk en andere 'techgiganten' pleitten er ook voor. De Democratische Partij in de VS hebben zelfs een presidentskandidaat die een OBI als speerpunt heeft voor zijn campagne. Het idee lijkt steeds meer 'mainstream' te worden.

Als loopbaancoach juich ik dit toe. Omdat ik geloof in vrijheid, ook omtrent arbeid. Omdat ik geloof dat we een heleboel zorgen kunnen wegnemen bij mensen als we het 'geldprobleem' kunnen wegnemen. Omdat ik geloof dat we meer authentieke keuzes kunnen maken als geld niet meer de primaire drijfveer is. Maar ook omdat ik mensen vertrouw.

You're f*cking genius.
Ook al ken ik je niet.
Toch geloof ik daarin.

Ons oerbrein in de moderne tijd

Ons oerbrein in de moderne tijd

Een licht puntje der evolutie mag je het noemen; onze hersenen. In vergelijking met de rest van ons lichaam zijn onze hersenen gigantisch. Om een voorbeeld te nemen aan de dinosaurus genaamd de Stegosaurus, vele malen groter dan wij als mens maar een brein ter grootte van een mandarijn. Niet dat ik het verder over dinosaurussen ga hebben. Wel neem ik je graag  mee naar een gedachten experiment waarin we, voor het gemak, een paar honderd jaar terug in de tijd gaan.

Stel je een dorp voor met ongeveer 800 inwoners. Een dorp ergens in Nederland rond het jaar 1500. Al deze mensen starten en eindigen hun leven in dit dorp. Er wordt druk gewerkt op de velden en ieder heeft z'n eigen taak. Er zijn vaklieden die hun ambacht uitoefenen, vissers die vissen en een schout die de wacht houdt. Allemaal hebben ze een taak en zorgen ze ervoor dat de gemeenschap blijft functioneren. Het leven is zwaar, helemaal als je het vergelijkt met de luxe en rijkdom die we mogen ervaren in de 21e eeuw. In natte en koude periodes voelt alles klam, huizen tochten en de kindersterfte lag hoog. De variëteit omtrent voedsel was laag en er was nog geen Starbucks.  I know. Shocking.

Toch functioneert dit dorp naar behoeven. Mensen werken zes dagen per week van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat. Zaken als stress werden alleen ervaren bij ziekte of sterfte. Ze nemen het leven zoals het is. Rauw. Zonder te mopperen en te klagen. Iedereen draagt z'n steentje bij aan het succes van het dorp. Iedereen is nodig. Iedereen is onmisbaar.

Zo hebben wij mensen heel erg lang geleefd. Maar toen brak de moderne tijd aan.  En alles werd anders.

We zijn in loondienst om  de organisaties waarvoor we werken te laten groeien in beurswaarde. We draaien lange dagen, die overigens korter zijn dan dat we deden, om de omzet van de werkgever te laten stijgen. Ondertussen worden we weg geconcurreerd door computers en robots en zitten we thuis te smachten naar een baan waarin we weer hetzelfde kunstje kunnen gaan doen. Als er een doel is omtrent arbeid dan is het wel om het groeien in sociale status en het verwerven van zoveel mogelijk geld. Meewerken aan het succes van de gemeenschap? Waar heb je het over? Een belangrijke rol innemen binnen de gemeenschap? Dat wordt afgemeten aan je salarisstrook. Een echte binding met de consument van je geproduceerde product? We hebben klanten door heel het land.

Sinds wanneer spreken we over termen als ' winstmaximalisatie', 'rendement', 'koopkracht' en 'economische groei'? Nou ja, pak en beet zo'n honderdvijftig jaar, in meer of mindere mate. Bedenk dan eens dat de moderne mens ongeveer zo'n 200.000 jaar geleden z'n intrede maakte op het wereld toneel. Strek je armen eens uit in de lengte van ongeveer een meter. Je linkerhand is 200.000 jaar geleden en symboliseert het begin der mensheid. Je rechterhand is het nu. Waar denk je dat al deze funky termen en maatschappelijke overtuigingen een plekje vinden op je tijdlijn (van de hand links tot de hand rechts)? Een decimeter van je rechterhand? Een centimeter? Het betreft een afstand van 0,075 centimeter, of 0,75 millimeter. Kijk eens naar dat enorme stuk  dat links ligt van dat punt. En besef je dat we het toen anders deden. En dat het dus helemaal niet vanzelfsprekend is dat de invulling die we geven aan ons leven een standaard is, het is eerder een afwijking.

Velen van ons, in deze moderne tijd, voelen ons doelloos. Bedenk eens dat mensen met elkaar op de vuist gaan omdat ze een ander voetbalteam vertegenwoordigen dan de ander.  Of dat we de klimaatverandering negeren omdat je bij team 'rechts' hoort. De drang om ergens bij te horen, de drang om verbonden te zijn met een groep mensen met hetzelfde doel, is groot. Van onze gemeenschap of werkplek hoeven we het niet meer te hebben. Ons werk voelt meer aan als een bullshit job waarbij je werkzaamheden verricht waarvan je weet dat ze niet belangrijk zijn. Dat ze geen echte impact maken. En de reden waarom je het doet is omdat het van je verwacht wordt. Want je bent een outcast als je niet mee doet aan de 'rat race'. We missen een verbinding met niet alleen onze gemeenschap,  maar ook met de werkzaamheden die we verrichten. We werken omdat het verwacht wordt, niet omdat we echt een steentje willen bijdragen aan een mooiere wereld.

Onze maatschappij verandert sneller dan dat onze hersenen aankunnen. Ja er is evolutie, maar de natuur neemt er wel de tijd voor.  Ons brein is eigenlijk ingesteld op de 0,99925 meter van onze tijdlijn en niet de 0,00075 meter van onze moderne maatschappij. Flauw hè.

Burn-out. Stress. Zelfmoord. Depressie. Het zijn allemaal symptomen van onze moderne maatschappij. Misschien voelen we ons wel doelloos. Missen we een meerwaarde in het leven. We zijn super shiny aan de buitenkant (ik bedoel, er zijn mensen die hun geld verdienen door anderen te laten zien hoe hip ze eten, zich kleden of wonen) maar leeg aan de binnenkant.  We willen helpen meebouwen aan een mooiere toekomst, niet gevangen zitten in een 'cubicle'. Mensen kunnen bergen verzetten. Millennia lang werkten we zeven dagen in de week van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat. Toch was er geen loopbaancoach te vinden 1200 B.C.,  omdat iedereen een verplichting voelde richting elkaar en naar zichzelf. Samen werken. Zingeving. Opoffering voor de groep. Dat zijn de echte menselijke waarden waar we naar op zoek zijn.

We willen helpen een probleem op te lossen voor een doelgroep waarbij we onze talenten en karakter kunnen inzetten ter behoeve van het verhogen van de kwaliteit van leven voor onze gemeenschap.

Dat zit in ons DNA zeg maar.

Wil jij ook weer terug naar een leven vol zingeving? Dat je werk gaat doen waarbij je een impact kan maken? Dat de taken die je uitvoert aansluiten bij je karakter en talenten? Denk dan eens aan de online cursus 'Talentgericht Werken' waarin ik je meeneem op ontdekkingsreis naar :

  1. Welk probleem je in de wereld zou willen oplossen (zingeving)
  2. Waarom jij de juiste persoon bent om dit probleem te gaan oplossen (talentgericht)
  3. Wat je gaat doen om een impact te maken (baan)
Ons voorbeeld doet volgen... kinderen aan de burn-out

Ons voorbeeld doet volgen… kinderen aan de burn-out

Vandaag las ik een interessant artikeltje van RTL Nieuws waarin aandacht werd geschonken aan een toch wel bijzonder fenomeen; een burn-out bij kinderen. Het artikel stelt dat (spoiler alert) de prestatiemaatschappij waarin we leven is doorgesijpeld in niet alleen de levens van ons volwassenen, maar ook in de levens van onze kroost. Onmiddellijk na het lezen van dit artikeltje plaatste ik een bericht op LinkedIn met de verwachting dat het onderwerp daarna z'n plekje had gevonden in mijn gedachten.

Maar dat deed het niet. De interne drang om hier toch wat dieper op in te gaan was niet te stoppen. En je leest daar nu het resultaat van.

Laat me eerst even pas op de plaats maken; ik ben geen opvoedkundige. Zelfs mijn zes jaar dat ik, on afgerond, op de Pabo heb gezeten mogen niet meetellen hierin. Ik bekijk dit onderwerp dan ook met de bril op van een loopbaancoach. Want loopbaancoaching gaat verder dan alleen iemand z'n droombaan laten ontdekken. Als loopbaancoach onderzoek ik ook de onderliggende drijfveren van iemand. Waarom doen we wat we doen? Waar komt ons gedrag, en de keuzes die we in onze levens maken, vandaan? In hoeverre kunnen en mogen we authentiek zijn? Welke sociale meetlatten zijn er en welke invloed hebben die op iemand? En ga zo maar door.

En als er één doelgroep is die super authentiek is... dan zijn het kinderen wel. Ondanks dat op jonge leeftijd kinderen al sociaal wenselijk gedrag aanleren blijft hun authentieke karakter volop de voorgrond aanwezig. Kinderen zoeken erkenning en bevestiging van ons als ouders. En evolutionair gezien is dat logisch, het vergroot de kans op goede zorg (overleven!) voor het kind. Daarnaast leren jonge kinderen de voor hun nog onbekende wereld kennen door het voorbeeld van hun omgeving te observeren; het gezin en zeker daarin de rol van de ouders.

De koppeling tussen hoe wij als ouders onze loopbaan, en daaraan gekoppeld ons leven, ervaren heeft dus directe invloed op het wereldbeeld dat onze kinderen meekrijgen. Niet voor niets stellen onderzoekers vast dat kinderen van rijke ouders een significant grotere kans hebben om later zakelijk succesvol te worden dan kinderen die uit armere gezinnen komen. Natuurlijk speelt het familiekapitaal daarin mee, maar ook de grondhouding, ook wel het populaire 'mindset' genoemd, is een belangrijk onderdeel. In het onderbewuste nemen kinderen deze 'mindset' over.

Als we een blik werpen op de Nederlandse arbeidsethos komen er een aantal interessante punten aan het licht. Welke rol neemt ons werk in? Welke beroepen belonen we en op welke beroepen wordt neergekeken? We lijken op dit punt van de geschiedenis in een enorme prestatiemaatschappij te leven. We worden dagelijks gebombardeerd met goed bedoelde spreuken als 'Work hard, play hard!', of 'Live life to the max!'. Dit blijkt een hardnekkig feit in ons Calvinistische denken. Je moet hard werken om daarvoor beloond te worden. Je moet de beste zijn, promotie maken, een zo'n ingewikkeld mogelijke LinkedIn titel hebben en een salaris ontvangen waarvan je vijftien gezinnen in Bangladesh mee kan onderhouden. Anders hoor je er niet bij.

Mocht je het interessant vinden, in mijn long read artikel 'Waarom je burn-out niet jouw schuld is' ga ik vele malen dieper in op bovenstaand onderwerp. Ik bespreek daarin de invloeden van onze maatschappij op ons handelen en denken.

We gunnen onze kinderen het beste. We willen ze voorbereiden op een mooie toekomst. Liefdevol willen we onze kinderen maximaal laten presteren om zo succesvol mogelijk te eindigen in hun volwassen leven, wat dit ook concreet moge betekenen. En misschien ook wel zodat we onszelf een flinke schouderklop kunnen geven als ouders.

In sommige gevallen betekent dit dat we onze kinderen op sportclubjes plaatsen met een competitief- en prestatiegericht karakter. Een muziekinstrument tot in den perfectie leren bespelen. Doen we veel educatieve spelletjes in de vrije tijd die de kinderen hebben. Belonen we hard werken en straffen we luiheid af. En stiekem willen we allemaal dat onze kinderen na de basisschool doorstromen naar het VWO.

Kinderen worden hierdoor constant tegen een sociale meetlat gelegd middels hun prestaties. Op school wordt verwacht dat ze iedere dag 110% geven. Naast de 101 toetsen die ze per schooljaar mogen ontvangen krijgen kinderen op steeds jongere leeftijd huiswerk mee. Zodat ze nog beter kunnen scoren op de volgende toets. Het moet meer. Het moet beter. Want de school wordt afgerekend als er te weinig kinderen doorstromen naar het hoger middelbaar onderwijs. Ik kan me voorstellen dat dit tegen het principe in gaat dat veel van de juffen en meesters hebben met wat goed onderwijs nou echt inhoudt.

En dan hebben we het nog niet eens over de invloed van sociale media gehad.

We mogen hierbij als ouders en opvoeders afvragen of in de toekomst deze levenslessen, die nog veelal stammen uit de jaren '80 en '90 van de vorige eeuw,  van belang zijn. Als de technologische progressie continueert met de snelheid waarin het zich nu bevindt dan kan het goed mogelijk zijn dat de visie op arbeid gaat veranderen. Kunstmatige intelligentie en robotisering kunnen veelal werkzaamheden van ons overnemen. Hoe hard je ook werkt en hoe hoog je diploma ook is, als een softwareprogramma of robot  jouw werk kan overnemen zal een bedrijf niet schromen om een ontslaggolf teweeg te brengen.

Misschien moeten we onze credo's aanpassen. Moeten we de zin van ons leven en onze blik op arbeid herdefiniëren. Waar leven we voor en welke plaats neemt je carrière in je leven? Hoe zou het zijn als we de aandacht verleggen van prestatiegericht werken naar talentgericht werken? Dat we kinderen de mogelijkheid bieden om hun unieke karaktereigenschappen vorm te geven op hun tempo en hun manier? Dat we niet de vraag stellen "Wat wil je later worden?", maar dat we de vraag stellen "Wat wil je later de wereld bieden?", of "Welk probleem zou je later, als je groot bent, willen oplossen?".

Vind je het onderwerp talentgericht werken interessant? Dan kan je overwegen om mijn e-boek 'Het Wordt Eens Tijd! - in 5 stappen werken vanuit je talent' eens te downloaden.

Maar laten we als ouders en opvoeders ook zeker in de spiegel kijken. Welke waarden geven wij onze kinderen mee? Als wij zelf bezig zijn ons een halve burn-out in te werken om zo likes te kunnen incasseren via sociale media, hoe kunnen we dan een gebalanceerd voorbeeld geven aan onze kinderen? Als we ons te pletter werken om prullaria te kopen wat we eigenlijk niet nodig hebben, waar zijn we dan eigenlijk zelf mee bezig? Leggen we onszelf onnodig hoge verwachtingen op zodat we ons positief kunnen onderscheiden van onze vrienden en collega's? Werken we om te kunnen voldoen aan de financiële verwachtingen van de buitenwereld middels een 'bullshit job' of willen we middels ons werk levens van anderen positief beïnvloeden?

Ons voorbeeld doet volgen. Welk voorbeeld wil jij je kinderen meegeven?

Waarom het Zwarte Pieten debat een eindeloze discussie is

Waarom het Zwarte Pieten debat een eindeloze discussie is

De dagen worden weer korter. Recentelijk is de klok verzet en de blaadjes beginnen langzaam maar zeker op de grond te vallen. Het kan niet missen, het is weer tijd voor het Zwarte Pieten debat.

Als loopbaancoach zijnde is het zwarte pieten debat een intrigerend debat. Overduidelijk zijn er twee partijen die, in deze periode van het jaar, lijnrecht tegenover elkaar staan. Aan de ene kant heb je de autochtone Nederlander die Zwarte Piet wil behouden, aan de andere kant heb je de Nederlanders die Zwarte Piet willen zien verdwijnen. Niet dat ze er ooit uitkomen. De twee strijdende partijen graven zich ieder jaar dieper in en de discussie wordt ieder jaar heviger.

Waarom is dit onderwerp zo interessant voor mij als loopbaancoach? Omdat je duidelijk ziet dat het een emotionele discussie betreft waarin, in theorie, geen goed of fout zit. Zodra ik de pet van loopbaancoach opzet ben ik objectief en kies ik dus geen partij. En als je dan naar de discussie kijkt is 'ie behoorlijk interessant.

Tegenstanders van Zwarte Piet verwijzen naar het koloniale- en racistische verleden van Nederland. Zwarte Piet zou het symbool zijn van dat verleden. Dat we dit verleden hebben staat buiten kijf. Onze volkshelden zijn, als je nader onderzoek doet, niet echt helden maar eerder misdadigers. De tegenstanders maken in dat opzicht een goed punt. Maar is het realistisch om te wijzen naar gebeurtenissen die honderden jaren geleden hebben plaatsgevonden?

Ook slavernij speelt een grote rol bij het 'tegen kamp'. Tenslotte is Zwarte Piet de knecht van Sinterklaas, de blanke welgestelde man die ook nog eens alle credits krijgt voor zijn goedaardigheid. En Piet er maar achteraan hobbelen. Als knecht. Want dat staat in zijn functieomschrijving. Het zou dan ook symbool staan voor het Nederlandse slavenbeleid uit ons koloniale verleden. Helaas hoor ik het tegen kamp niet over de hedendaagse slavernij die wereldwijd in stand wordt gehouden, waarbij er naar schatting 40 miljoen (!!!) mannen, vrouwen en kinderen gedwongen worden om o.a. onze producten zo goedkoop mogelijk te produceren. Misschien iets om je druk over te maken als je zo fel bent tegen slavernij in plaats van je op te winden over het verleden, maar dat daar gelaten. Je kan hier meer over lezen via deze link.

Voorstanders vrezen voor het verlies van hun culturele identiteit, wat dit ook concreet moge betekenen. Doordat de Nederlandse bevolking steeds meer internationale tradities tot zich neemt lijkt zo onze identiteit te worden afgenomen. En dat creëert angst. Angst voor de islamitische tradities bijvoorbeeld en het verlies van de Nederlandse tradities. Overigens heeft dezelfde groep voor internationale feesten als Halloween en Valentijnsdag (beide zeer Amerikaans) geen enkel bezwaar, maar als het bijvoorbeeld om moslimfeesten gaat dan is het huis te klein.

Ik besef me heel goed dat ik de standpunten hier behoorlijk droog noteer, wetende dat de emoties erg hoog kunnen oplopen. Beide kanten, het 'mijn team tegen jouw team principe', lijken niet tot een akkoord te kunnen komen over Zwarte Piet. En dat is ook niet gek. Omdat het helemaal niet om Zwarte Piet gaat.

Zwarte Piet kan je zien als een symptoom. Het afschaffen van Zwarte Piet kan bepaalde symboliek weghalen maar niet de onderliggende problematiek. Hierdoor zou er, in het geval dat Zwarte Piet wettelijk wordt afgeschaft, geen concrete oplossing komen voor de problemen waar het 'nee kamp' mee te maken heeft. De aandacht zou dan kunnen worden verzet naar de afschaffing van de term 'zwarte koffie' of 'zwart witjes' (je weet wel, die salmiaksnoepjes). Dit komt doordat het èchte probleem niet aan de kaak wordt gesteld. Zo kan je dus blijven zoeken naar zaken die je beledigen zonder dat je ooit een punt van berusting bereikt.

Vanuit de coaching maken we een onderscheid tussen emotie en onderliggend verlangen. Zodra we iets meemaken dat onze snaar raakt kunnen we geëmotioneerd reageren. We kunnen ons bijvoorbeeld aangevallen voelen, verdrietig worden door iets wat iemand zegt of super vrolijk worden omdat we onze geliefde weer zien. Een emotie is een berichtgever van een onderliggend verlangen en is altijd naar buiten gericht. Iets of iemand anders wekt de emotie bij je op, of deze nou positief of negatief is. Vingerwijzen noemen we dat.

Wat zou er gebeuren als we op zoek gaan naar wat er onder de emotie ligt? Als je snaar geraakt wordt, ga je dan af op het geluid of richt je je aandacht op de snaar? Zoek je oplossingen, dan ga je op zoek naar de snaar. Waarom is Zwarte Piet beledigend voor jou? Waarom doet het pijn als de eerste zakken pepernoten hartje zomer in de schappen van de supermarkt worden tentoongesteld? Als je het durft om deze vragen aan jezelf te stellen zal je merken dat je bij een onderliggend verlangen kan komen.

Hoe herken je dat je te maken hebt met een onderliggend verlangen? In eerste instantie is de emotie gezakt. Daarnaast zal je merken dat een onderliggend verlangen altijd op jezelf gericht is. Uiteraard wil ik het onderliggend verlangen van het 'nee kamp' niet invullen, maar ik kan me voorstellen dat ze erkenning zoeken. Dat ze dezelfde ontwikkelkansen willen hebben als een autochtone Nederlander. Dat ze worden beoordeeld op hun acties en niet hun huidskleur. Erkenning als mens.

En daar heeft Zwarte Piet helemaal niets mee te maken.

De Huizenmarkt

De Huizenmarkt

In eerste instantie zou je denken dat de kwestie omtrent de huizenmarkt volledig los staat van mijn beroep als (loopbaan)coach. En toch werd ik getriggerd door een segment van Zondag met Lubach omtrent de huizenmarkt, juist omdat er zoveel belangrijke aspecten in zitten die ik regelmatig mee maak in m'n praktijk. Hoe we vast kunnen zitten in onze gedachten, vasthouden aan oude patronen en de bij behorende normen en waarden. Aspecten van coachen die je zowel op micro niveau tegenkomt als op macro niveau. Hoe zit dat? En waarom denk ik dat het probleem op de huizenmarkt een probleem dat gekoppeld is aan 'vastgeroest denken'.

Het probleem dat nu ontstaan is, is dat de huizenmarkt weer zo booming is dat starters heel veel moeite hebben om deel te nemen aan deze markt. Prijzen schieten omhoog en daarbij is het ook nog eens lastiger voor een starter om een hypotheek af te sluiten. Een groot probleem, want veel beschikbare woningen worden opgekocht door investeerders en andere financieel belangstellenden. Maar de woningen komen klaarblijkelijk maar moeilijk terecht daar waar ze voor gebouwd zijn, namelijk bewoners. Mensen zoals jij en ik, die ook ooit aan het begin stonden van hun carrière. Tenslotte zijn we allemaal starter geweest.

Sinds de invoering van de hypotheekrenteaftrek, de stijging van de welvaart en het neoliberaal denken dat is ontstaan in het westen zijn we ons huis meer en meer gaan zien als investering. Het oorspronkelijke doel, namelijk wonen, leek daarbij een leuke bijkomstigheid. Een huis kon dienen als appeltje voor de dorst rond de pensioen periode, of kon worden ingezet om het persoonlijk kapitaal aanzienlijk te doen verhogen. Want ook Henk en Ingrid konden nu kapitaal krachtig worden. En flink ook. En met een wereldbeeld waarbij 'the sky the limit' leek te zijn was deze eeuwige groei ook niet ondenkbaar. Iedereen kon schathemel rijk worden van z'n huis. Dat iemand anders daar de prijs voor zou betalen... ach, daar dachten we maar niet aan.

De huizenmarkt is dan ook een enorme peiler van onze economie, een volledig vrijgegeven markt waarbij de wetten van 'de markt' gelden. Huisvesting is geen recht geworden, maar een kapitalistische investering. Waar de babyboom generatie hier behoorlijk de vruchten van heeft kunnen plukken vissen millennials nu naast het net. Een eigen huis kopen is nu onbetaalbaar geworden. Particulier huren is nog duurder dan kopen en bij de sociale woningen worden honderden inschrijvingen geplaatst om een woning te bemachtigen. Een eindeloze situatie, zo lijkt het.

Middels talloze stimuleringspakketten hebben regeringen uit het verleden geprobeerd om sturing te bieden jegens de woningmarkt. Klaarblijkelijk kon 'de vrije markt' toen al de problemen niet oplossen waarbij je je af mag vragen of 'de vrije markt' dus alle problemen oplost, zoals veel economen en politici denken. Er lijkt een simpele wet te werken; geld trekt geld aan, schuld trekt schuld aan. De minder vermogende staan naast de zijlijn, waar de vermogende hun rijkdom vermeerderen. Want zo werkt de vrije markt.

Misschien wordt het tijd om 'de huizenmarkt' eens totaal anders te benaderen. Misschien moeten we het concept van vastgoed vergeten. Rijk worden van een stukje grond met wat bakstenen erop. Of juist failliet gaan. Zoals veel gewone mensen overkwam tijdens de kredietcrisis van 2008. Misschien wordt het tijd om een huis te aanschouwen voor wat het is; een huis. Dus geen investering, geen appeltje voor de dorst, geen 'quick fix' om voor de gewone burger snel rijk te worden, maar gewoon onze huisvesting. Een recht.

Dat zou betekenen dat bijvoorbeeld de huizenprijzen niet meer gekoppeld worden aan de zogenaamde huizenmarkt. Allicht dat huizenprijzen voor niet meer mogen worden verkocht dan de WOZ waarde. Dat we huizen niet met winst verkopen. Dat de overheid de prijzen beheerd en een beleid voert ten aanzien van de vraag vanuit de bevolking, niet vanuit de vraag van de markt.

Dit klinkt bijna communistisch. Moeten we niet afstand nemen van overheidsbemoeienis en de vrije markt haar werk laten doen? Willen we dat de overheid zo'n enorme kapitaalmarkt overneemt zoals de huizenmarkt? Krijgt de overheid dan niet te veel macht? Of voelt het gewoon niet goed omdat we zijn opgegroeid in een kapitalistische samenleving? Voordat je het weet zijn alle fabrieken ook in handen van de staat en zijn we in een communistische heilstaat beland. Toch?

Van bepaalde zaken zou ik niet willen dat de overheid zich bemoeid. Zo zou ik nooit willen dat de overheid mijn schoenen ontwerpt, mijn auto bouwt of smaak toevoegt aan mijn koekjes. Dit zijn zaken die private instellingen mogen aanbieden. En beconcurreren. Dus die communistische heilstaat zie ik niet zitten. Maar iets fundamenteels als onze huisvesting? Dat laten we klaarblijkelijk zonder twijfel over aan de markt. Of het werkt valt te betwijfelen. Maar het klinkt stoer. En zo zijn we het gewend. Dus de huizenmarkt zal en moet worden overgelaten aan de vrije markt. Maar dan wel met bergen overheidssubsidies. Want anders was het systeem al lang en breed omgevallen.

Een vastgeroest denkpatroon of overtuiging kan diep zitten. Maar de vraag is of de ideologie ook gekoppeld is aan de datgene wat de realiteit laat zien. Van tekstboek naar praktijk zeg maar. Het denken vanuit een 'goed-slecht' patroon kan een tunnelvisie bewerkstelligen. Hierdoor missen we de flexibiliteit om anders naar problemen aan te kijken, om met een frisse blik het probleem te benaderen. Want meer van datgene doen waarvan we nu weten dat het niet werkt, maar waarvan je in ideologische zin van overtuigd bent, is behoorlijk nutteloos. Iets met een kop en een staart... en daar dan heel hard achteraan rennen. Of zoiets.

Overtuigingen, vastgeroeste denkpatronen, opgelegde normen & waarden. We ervaren ze allemaal. In theorie hoeven ze niet verkeerd te zijn, maar als je overtuigingen je blokkeren om datgene te doen wat je zou willen doen, heb je dan niet het gevoel dat je jezelf te kort doet? Want of het nou om de overheid gaat (macro) of jou (micro), de systemen zijn hetzelfde. Kan je wat begeleiding gebruiken om los te breken van je overtuigingen en datgene te gaan doen waar je echt gelukkig van wordt? Laat het me weten en breek los van de overtuigingen die je altijd hebben tegengehouden. Geloof me; de wereld heeft jouw talenten nodig... #juistnu

Misschien moeten we fundamentele zaken zoals huisvesting, gezondheidszorg, veiligheid en onderwijs niet overlaten aan de vrije markt. Maar dat we deze zaken, zonder winstbelang, benaderen in dienst van ons allen. Zodat we allemaal kunnen bloeien. In een huis bijvoorbeeld. Waar we niet rijk van worden. Wat dus geen investering is. Maar wat wel dient als dak boven je hoofd.

Een thuis.

En dat is toch wel een fijne gedachten nu de herfst eraan zit te komen.

Waarom je burn-out niet jouw schuld is

Waarom je burn-out niet jouw schuld is!

... maar wel jouw verantwoordelijkheid

Een essay over de zin en waanzin van onze maatschappij.

Inleiding

Enige tijd geleden postte ik een bericht op een Facebook groep genaamd 'Burn-out Nederland'. Deze besloten Facebook groep is opgezet door Mascha Mooy en dient als platform voor mensen met een burn-out om gedachten en ideeën uit te wisselen. Tevens is zij de oprichtster van Bye Bye Burnout, een organisatie die andere bedrijven en particulieren helpt met de burn-out kwestie. In deze besloten groep had ik een poll geplaatst met de vraag waar de oorzaak van de 'burn-out epidemie' vandaan kwam. Zou het liggen aan onze maatschappij, aan de organisaties waar we werken of aan het individu?

Een aantal uren nadat ik de poll geplaatst had ging ik eens kijken naar de resultaten. Ik kon mijn lach niet inhouden aangezien de leden van de groep besloten hadden om zelf een aantal aanvullende oorzaken in de poll te zetten. Heerlijk eigenwijs! Eén van de redenen die door een lid zelf werd aangebracht - en later ook de meeste stemmen kreeg - was het punt 'te veel prikkels'. Dit was een interessant gegeven voor mij.

Ook vanuit mijn professie (loopbaancoach) ben ik erg nieuwsgierig naar dit onderwerp. En ondanks het feit dat ik voor mijn werk inzoom op het individu kan ik het niet helpen om na te denken over deze zogenaamde epidemie die de westerse wereld voor haar kiezen krijgt. Burn-outs en depressies lijken aan de orde van de dag. Tijd om uit te zoomen. Wat is er in hemelsnaam aan de hand?

De titel van dit schrijven verklapt al een deel van mijn filosofie over dit onderwerp. Ik ben voor mezelf tot deze conclusie gekomen door 'de wet van de meerderheid' in te zetten. Deze stelt dat : één keer een incident is, twee keer merkwaardig is en drie keer een patroon is. Aangezien we op dit moment spreken over een heuse epidemie kunnen we spreken van een patroon. Welke signalen zien we en welke systemen zijn actief? Hoe reageren we daarop als mensen? Shakespeare stelde ooit : All the world's a stage, and all the men and women merely players [...]. Op welk podium speelt ons leven af? Wat biedt dit podium ons en wat vereist het?

Belangrijk om vooraf te weten is dat ik niet de pacht op de waarheid heb. Wat ik schrijf zijn mijn bevindingen en observaties. Het kan goed zijn dat je, allicht op een specifiek onderwerp, het niet met me eens bent. Dat is uiteraard ok. Mijn doel is ook niet om je te vertellen hoe de wereld in elkaar steekt, mijn doel is om je aan het denken te zetten. Heb je dan ook onderbouwde tegenargumenten op mijn pleidooi, dan hoor ik ze graag zodat ook ik weer kan leren en groeien. Als persoon en als professional.

Rest mij je heel veel leesplezier toe te wensen! Ik hoop dat ik je kan inspireren en nieuwe ideeën kan aanbieden.

Groeten,

Matthijs Ypenburg
Loopbaancoach
Creating Smiles Loopbaancoaching

Burn-out (definitie bepaling)

Voordat we ingaan op de oorzaken van de epidemie is het belangrijk om vast te stellen wat een burn-out precies is. Door de definitie te bespreken snap je hoe ik een burn-out definieer zodat je voor de rest van het pleidooi begrijpt wat ik onder een burn-out versta.

Vreemd eigenlijk. Iets wat we als een epidemie ervaren en dat dan zo ongrijpbaar is. Psychologen, sociologen en andere professionals hebben moeite om een 'Dikke van Dalen' definitie op te stellen. Niet dat ik dat wel kan, maar ik doe een poging. Misschien komt dit ook wel omdat iedere vorm van burn-out anders kan zijn. Dat er bij ieder persoon een andere oorzaak kan zijn voor de burn-out. Dat we met z'n allen het moeilijk vinden om de 'vinger op de zere plek te leggen'.

Ik ga een poging doen. Wat ik versta onder een burn-out is emotionele oververmoeidheid.

Er lijkt een disbalans te zijn tussen 'wie we echt (willen) zijn' en het 'toneelstuk dat we opvoeren' in ons dagelijks leven. Vanuit de vakliteratuur beschrijven we dat als een conflict tussen 'denken' en 'voelen', het ontkoppelen van ons authentieke zelf aan ons handelen en denken. En dat is op zich niet zo heel erg vreemd.

Van jongs af aan worden we opgeleid en getraind om voornamelijk ons ratio (denkvermogen) te ontwikkelen. Dit komt voort uit de Renaissance (tussen pakweg de 14e en 17e eeuw) waarbij we de trend van bijgeloof en religieuze dogma's steeds meer achter ons lieten en ons wereldbeeld meer gingen vormen richting logica en humanitair denken. Deze verandering in hoe we de wereld aanschouwden mag als revolutionair worden omschreven. De wetenschap kwam op gang, ons begrip over de wereld steeg en bij de invoering van de leerplicht in 1901 (in Nederland) boden we alle kinderen tijdens de Industriële Revolutie de mogelijkheid om zich op rationeel niveau te ontwikkelen.

Ondanks dat er veranderingen hebben plaatsgevonden in ons onderwijssysteem is de kern en de essentie hetzelfde gebleven. School dient ervoor om het rationeel denken te stimuleren zodat we als samenleving slimmer worden. Maar daarmee niet per sé wijzer.

We leven nu in een tijdperk (het Informatietijdperk) waarin het toepassen van directe kennis steeds minder belangrijk wordt. Waarom onthouden waar Nairobi ligt als we Google Maps hebben? Waarom de stelling van Pythagoras leren als we slimme rekenmachines hebben? Waarom een vreemde taal leren als we Google Translator hebben? Ondanks het feit dat ik niet te diep in wil gaan op ons onderwijssysteem merk je allicht wel dat de tijden aan het veranderen zijn. De eisen die vroeger nodig waren om deel te kunnen nemen aan de maatschappij lijken langzaam te vervagen door de automatisering. Wetenschappers verwachten zelfs dat we binnen 50 jaar het punt bereiken dat computers slimmer worden dan wij (singulariteit).

In het tijdperk waarin authenticiteit wordt verwacht, persoonlijke verantwoordelijkheid voor onze levensinvulling en het willen nastreven van 'impact' van onze werkzaamheden lijkt het erop dat de manier van denken zoals we geleerd hebben te kort schiet. Wie we zijn, waar we voor staan en wat we willen betekenen voor de wereld zijn geen rationele vraagstukken maar gevoelsvraagstukken. Hoe kan je verwachten van mensen dat ze antwoorden vinden op deze vragen zonder dat we ze de tools meegeven om deze te vinden?

De emotionele vermoeidheid ontstaat, naar mijns inziens, zodra je handelen haaks staat op je gevoel. Dat je keuzes hebt gemaakt met je verstand, keuzes omtrent je loopbaan. Vaak horen principes als status en salaris bij de keuzes die we als (jong)volwassenen maken. Werk uitvoeren omdat het moet. Iedere dag op je werk verschijnen puur en alleen voor je salaris. Werken aan vraagstukken omdat het van je verwacht wordt, niet omdat je vanuit jezelf ermee aan de slag zou willen gaan. Al dit soort punten putten je emotioneel uit. Constant dat knagende gevoel. Jezelf constant oppeppen om weer aan de slag te gaan. Je vermoeidheid, in een pre stadium van je burn-out, goedpraten. Omdat het zo van je wordt verwacht. Omdat het zo hoort. En je wilt toch niet buiten de boot vallen?

En als dat nog niet genoeg is worden we constant belaagd door organisaties en individuen die onze aandacht opeisen. Aangezien we leven in een wereld waarin iedereen miljonair zou kunnen worden lijkt dit ook de doelstelling te zijn van veel organisaties. 'Hoe kan ik (als organisatie) jouw aandacht opeisen zodat je mijn prullaria koopt?'. Nou bijvoorbeeld door te zeggen dat je zelfvertrouwen uit shampoo haalt. Of dat je meer vrienden krijgt door je nieuwe auto. Of dat als je een harmonieus ontbijt wilt hebben met je gezin dat je dan een specifiek merk chocopasta moet kopen. Allemaal waanzin. Onzin. Maar we worden er wel dagelijks mee geconfronteerd. Ongevraagd. En ondanks dat we allemaal reclame haten (suggestief van mijn kant...), doen we er onbewust wel keihard aan mee.

Graag neem ik je mee op reis in dit schrijven. Laten we samen de zin en waanzin van deze wereld eens onder de loep nemen. Waar zijn we in terecht gekomen? En wat zouden we kunnen doen?

Neo-Liberalisme

"Neo wattes?!" hoor ik je denken. Het neo-liberalisme is het economisch systeem dat we momenteel hanteren. Deze vernieuwde vorm van het kapitalisme is in de jaren '80 ontstaan onder leiding van de Amerikaanse ex-president Ronald Reagan en oud premier Margereth Thatcher van het Verenigd Koninkrijk. Bedrijven zouden veel meer vrij spel moeten krijgen in hun bedrijfsvoering. Winstmaximalisatie was het toverwoord om alle maatschappelijke problemen op te lossen. De 'markt' zou haar werking gaan doen en mensen stimuleren tot productiviteit en een leven vol zingeving. Hoe meer ruimte de bedrijven konden krijgen, des te beter het zou zijn voor de economie en dus de maatschappij.

Ondanks dat we hier in Nederland in een sociaal democratie leven hanteren wij ook het neo-liberalisme. Zeker nu we onderdeel zijn van de Europese Unie en we gebruik maken van de Euro. Ook Europa hanteert deze economische filosofie. Financiële markten worden gestimuleerd, niet overheden en burgers. De wetgeving mag bedrijven en hun winstmarges niet in de weg staan om zo het principe van 'trickle down economics' te stimuleren. In simpele taal, aangezien ik ook geen econoom ben, betekent dit het volgende : Als we de rijke mensen nou nog meer geld geven dan zorgen zij ervoor dat er nieuwe banen ontstaan. Dat dit niet of nauwelijks gebeurt is geen wonderbaarlijk nieuws. De rijken stoppen dat geld in hun broekzak. En zeg nou zelf, huur jij nu een schoonmaakster in omdat je de hypotheekrente aftrek maandelijks ontvangt?

Bedenk je eens hoe vreemd het is dat Europa - en de Nederlandse overheid - zich wel druk maakt om de financiële markten, maar nooit iets roept over de enorme hoeveelheden burn-outs en depressies die er in het Westen zijn?

Het probleem dat hierbij ontstaat is dat organisaties, en ik scheer bewust nu even alle bedrijven over één kam, maar één echt doel hebben. Vergeet de marketing uitspraken die een illusie weergeven over de missie van de organisatie. Economie studenten leren het op de eerste lesdag; Het doel van organisaties en bedrijven is om de aandeelhouders tevreden te stellen. Dit betekent concreet winstmaximalisatie. We willen groeicijfers zien, ongeacht welke maatschappelijke consequenties deze maatregelen hebben. Zolang het bedrijf ieder jaar kan groeien zit het goed. Want aandeelhouders hebben geen directe baat bij de maatschappelijke effecten van het handelen van een organisatie, ze hebben wel baat bij de winstuitkering van hun aandelen.

Hiermee lijken we een systeem te ondersteunen waarbij de menselijke waarden achterop worden gesteld. Want hoe kan een bedrijf groeien? Dat kan door innovatie, groeiende verkoopcijfers of bezuinigingen.

Echte innovatie levert een organische groei op voor een bedrijf. Denk aan de koffiezetapparaten van Philips (Senseo) of de iPhone van Apple. Dit waren producten die revolutionair waren en dienden als pioniers op de markt. Er was een vraag vanuit de samenleving voor deze producten. Helaas is het onmogelijk om ieder jaar iets nieuws te ontwikkelen. Innovatie kost tijd. Hierdoor merken we dat de nieuwste iPhone eigenlijk achterhaalt is en dat Apple zelfs technische trucs uithaalt om oudere versies, die het nog eigenlijk best goed horen te doen, langzamer te laten draaien. Hierdoor voelt de consument zich weer geneigd om een nieuwe telefoon te kopen.

De omzet kan ook op een kunstmatige manier worden gestimuleerd. Denk aan de enorme hoeveelheid reclames die op ons afgevuurd worden, producten die worden aangeboden zonder dat er echt een innovatie heeft plaatsgevonden. 'Nu nóg lekkerder!' staat er bijvoorbeeld op een product. Mag ik dat ten eerste even zelf uitmaken meneer of mevrouw de marketeer? Of was de versie daarvoor eigenlijk best matig terwijl jullie dat toen ook propageerde als 'De lekkerste!'? Dagelijks worden we gebombardeerd met talloze reclame uitingen van verschillende bedrijven. Zoals ik in het vorige hoofdstuk al schreef zijn reclames vaak gebaseerd op gebakken lucht. Marketeers weten precies hoe ze moeten inspelen op jouw onzekerheden zodat je je geluk baseert op de producten die je koopt en niet het leven dat je leidt. En dan nog even los van de agressieve verkooptechnieken die verkopers (moeten) hanteren om je toch uiteindelijk over te halen hun product aan te schaffen.

Als laatste werkt bezuinigen ook goed voor een bedrijf. Welke bedrijfsprocessen kunnen worden geautomatiseerd, gerobotiseerd of geoutsourced worden? Simpel gesteld kost een Nederlandse arbeider geld, veel geld. Dit komt door onze sociaal democratische wetgeving. Denk aan enorme kostenposten als vakantiegeld, ziekteverlof, zwangerschapsverlof en betaald verlof (vakantie). En waarschijnlijk mis ik er nog een paar. Bedrijven kunnen veel besparen op arbeidskosten door de processen anders in te zetten. Denk aan mooie computersystemen waardoor er voor een taak eerst 2 FTE nodig waren en nu maar één. Of een half. Waarom kleding maken in Nederland als kinderen in Bangladesh dat kunnen doen? Voor een prikkie van de kosten natuurlijk.

Wat hebben deze processen te maken met een burn-out? Veel. Los dat er onwijs veel concurrentie ontstaat op de arbeidsmarkt - daar later meer over - werkt de druk ook door op ons als werknemers en ons als consument. We worden constant gestimuleerd om maar te kopen kopen kopen. Geld moet rollen tenslotte. Maar het aanschaffen van producten en diensten levert maar een kort geluksgevoel op. Om al deze producten en diensten te kunnen aanschaffen moeten we steeds meer geld verdienen.

Ooit weleens bij stil gestaan dat we minder koopkracht hebben anno nu dan dertig jaar geleden? En dat terwijl we al zoveel processen hebben geautomatiseerd, gerobotiseerd en geoutsourced hebben? Als de processen zoveel goedkoper zijn, wie vangt dan het geld?

Door de constante en onstilbare honger van bedrijven, gebaseerd op de illusie van eeuwige financiële groei, worden wij als consumenten constant verleid om hun producten en diensten af te nemen. Hierdoor moeten wij steeds meer en harder gaan werken om aan die behoefte te blijven voldoen. Het is namelijk allang bewezen dat ons geluksgevoel niet in onze spullen zit, maar o.a. in de interactie met andere mensen. We worden gek gemaakt met beloftes die nooit kunnen worden waargemaakt. We zijn een 'slaaf van het systeem'.

Rutger Bregman (journalist, historicus, idealist) had hierover een mooie quote : We werken ons te pletter, om spullen te kopen die we niet nodig hebben, om mensen te imponeren die we niet mogen.

Is dat de manier waarop je je leven invulling wilt geven? Of voel je dat er iets van binnen knaagt?

Concurrentie

Voor het gemak wil ik het onderdeel concurrentie in twee onderdelen aanbieden. We hebben uiteraard te maken met de concurrentie tussen organisaties en we hebben te maken met concurrentie op onze arbeidsmarktpositie.

Laten we eerst maar eens de concurrentie tussen de organisaties gaan behandelen.

In het vorige hoofdstuk bespraken we ons economisch stelsel. Bedrijven zouden met elkaar moeten concurreren om zo de meest voordelige prijs aan te bieden aan de consument. Klinkt goed, toch? Tot zekere hoogte wel. Natuurlijk kunnen bedrijven snijden in de winstmarges op hun product of processen innoveren. Maar op een gegeven moment kan je niet meer op een eerlijke manier snijden in de kosten terwijl de druk op bedrijven om een concurrerende prijs aan te blijven bieden hoog blijft. Niet alleen voelen de werknemers een zware druk op hun schouders om nog meer te gaan presteren, daarnaast moet een bedrijf op een gegeven moment op onethische wijze gaan snijden in de kosten. Het arbeidsloon kan dalen, vaste contracten worden gemeden, stagiaires die voortaan onbetaalde werkzaamheden verrichten en nul uren contracten die worden aangeboden aan nieuwe medewerkers.

Veel van de bezuinigingsopties die bedrijven hanteren werken negatief op ons gevoel van veiligheid. Onze hersenen zijn zeer welgesteld op veiligheid en vuren een enorme hoeveelheid stresshormonen (cortison, adrenaline) op ons af als de veiligheid onzeker dreigt te worden. In theorie is er niets mis met deze stresshormonen. De natuur (of Goddelijke interventie) heeft ervoor gezorgd dat we, in geval van acute nood, volgepompt worden met deze hormonen zodat we kunnen vechten, vluchten of bevriezen. Handig als een wolf of beer je wilt aanvallen. Niet zo handig als dit in een kunstmatige omgeving gebeurt. In veel gevallen kan je de hormonen niet kwijt, ook al zou fanatiek sporten kunnen helpen. Als de druk aanhoudt blijven grote hoeveelheden van deze stresshormonen in je lichaam zitten, met alle negatieve gevolgen van dien (denk aan hartkloppingen, hyperventilatie, overgevoelig voor prikkels, etc.).

Tevens kan de prestatiedruk en de werkdruk op de werkvloer enorm toenemen. Management technieken uit de jaren '90 worden tot op de dag van vandaag bij sommige bedrijven nog steeds gehanteerd. Een principe dat allang achterhaalt is en uitgaat van een simpel systeem. Goed gedrag belonen we (bonus), slecht bedrag straffen we af (ontslag of dreiging tot ontslag). Dat dit systeem mensen alleen maar oppervlakkig stimuleert weten we nu, maar nog steeds vindt bovenstaande nog vaak plaats op de werkvloer. Werknemers worden zo niet als mens beschouwd maar als een productief onderdeel van het bedrijf. Met een beetje mazzel heb je ook nog eens een personeelsnummer en bedrijfskleding. Zeg maar dag tegen je identiteit. Managers die zich opstellen als bazen en niet als leiders. Bedrijven die winst boven mensen stellen. En dan de constante angst dat je baan op de tocht ligt. Werkt best stressverhogend. En dat terwijl je er alleen maar werkt om er je geld te verdienen zodat je spullen kan kopen die je niet nodig hebt om mensen te imponeren die je niet mag...

Bedenk eens; als een bedrijf maar blijft bezuinigen en bezuinigen, om zo de winstmarges hoog te houden voor de aandeelhouders en om zo competitief te blijven op de markt... wie betaalt uiteindelijk de prijs?

En dan is er natuurlijk nog de concurrentie op de arbeidsmarkt. We leven in een periode waarin we onszelf moeten aanprijzen bij organisaties. En we lijken er erg goed in om de indruk te wekken dat we alles onder controle hebben. Dat we onze zaakjes op het droge hebben. We laten graag onze indrukwekkende functietitels zien op LinkedIn. Kijk eens wat een goede investering ik ben?

Op jonge leeftijd - en dat geldt zeker voor de millennials generatie (+/- 1984 - 1995) - hebben we geleerd van onze ouders dat 'als je maar goed je best doet op school en je mooie diploma's haalt, je later ook een goede baan zult hebben'. En toen kwam de crisis van 2008. En toen was die belofte helemaal niets meer waard. Hoeveel mensen zitten thuis op de bank werkloos te wezen terwijl ze een mooi HBO diploma in de vitrinekast hebben staan? Hoeveel mensen doen werk onder hun niveau omdat ze anders geen werk hebben? De concurrentie lijkt, zeker in bepaalde branches, moordend te zijn.

We lijken tegenwoordig uitstekend in staat om onze realiteit te voorzien van een filter. Dit zien we veel gebeuren op sociale media. We laten graag aan de buitenwereld zien hoe goed we het hebben, terwijl we eigenlijk diep van binnen ongelukkig zijn. Zoals Henk Westbroek ooit zong in lied genaamd 'Vriendschap' : Een pakketje schroot met een dun laagje chroom. Dit effect wordt vergroot als we kijken naar onze online vrienden die ook alles via een filter presenteren. 'Check haar lifestyle eens!' (wat dat ook concreet moge betekenen, maar ik kom het vaak tegen) of 'Kijk eens hoe goed hij het heeft, een half jaar terug zat hij in Bangkok en nu is 'ie alweer in Peru!'. We lijken onszelf gek te maken door ons constant te vergelijken met anderen. Dit gebeurt zowel op privé gebied als op het zakelijke vlak. En we blijven het doen. Omdat, zo wijst onderzoek uit, sociale media ons beloningssysteem prikkelt. Iedere like, ieder bericht dat we ontvangen... we krijgen een shot dopamine toegediend. Daarom voelt het ook zo goed. Daarom werkt het ook zo verslavend. Wist je dat hetzelfde systeem in werking wordt gesteld als je een sigaret rookt, alcohol drinkt of gokt?

Het constant spiegelen aan anderen, zowel op persoonlijk- als professioneel vlak, vraagt een hoop van ons. We moeten ons constant beter voordoen dan dat we denken dat we zijn. Op de arbeidsmarkt moet je opvallen, niet te lang bij een werkgever blijven hangen en blijven doorleren en ontwikkelen. Daarnaast is er ook nog de enorme druk om werk te doen dat aanzien verkrijgt. Tenslotte ben je zelf verantwoordelijk voor je loopbaan en je moet er natuurlijk wel alles eruit halen wat er in zit, anders heb je gefaald. En dat levert ook een heleboel stress op, en een ontzettend (en onterecht!) negatief zelfbeeld.

Laten we op dat laatste punt eens verder doorborduren. Hoe je zelf verantwoordelijk bent. Maar dan doen we dat wel in een nieuw hoofdstuk, ok?

Verantwoordelijkheid

Wat zijn wij Nederlanders toch een partijtje verknocht aan verantwoordelijkheid. We love it. Zelfs de politieke partijen kunnen zeer impopulaire wetsvoorstellen verkopen onder de noemer 'maar we tonen wel verantwoordelijkheid!'. En bij de nieuwe verkiezingen worden ze beloond met extra zetels en een aantal regeringsposten. Verantwoordelijkheid nemen is zeg maar echt ons ding.

Toch is dat niet altijd zo geweest. Een hele lange tijd in onze geschiedenis lag een behoorlijke portie verantwoordelijkheid bij God. Zo waren we wel verantwoordelijk voor onze acties die we ondernamen, maar waren we minder verantwoordelijk voor ons levensdoel of onze sociaal economische positie in de maatschappij. Groeien op de sociale ladder bestond voor lange tijd nog niet echt in Nederland. Geboren als boer, grote kans dat de kinderen ook boer werden. Het was God zijn wil. Hij had tenslotte een plan en daar moest je je maar aan houden.

Dit principe begon, toen de welvaart toenam na de Tweede Wereldoorlog, langzaam te verdwijnen. Steeds meer kwam het eigen verantwoordelijkheidsgevoel naar boven. Niet God maar jijzelf zou verantwoordelijk zijn voor jouw levenspad. Eerst had God bepaald wat jouw reden tot het bestaan zou zijn, nu moet je zelf een invulling geven aan de reden van jouw bestaan. Existentialisme werd ook in de jaren '50 van de vorige eeuw geboren.

Nu, decennia later, hebben we dat principe op steroïden gezet. Je kan bijna geen glossy openslaan, geen Facebook bericht lezen of geen presentator horen over hoe jij het middelpunt van dit universum bent. Hoe de wereld om jou draait. Hoe jij de mogelijkheid hebt om alles uit het leven te halen wat er in zit. Dat klinkt allemaal mooi, maar onbewust geeft het ook een behoorlijke extra ballast op je schouders. Want nu moet je het wel doen. Waar je vroeger God de schuld kon geven van het feit dat je niet alles uit je leven zou kunnen halen, nu doet God alsof zijn neus bloed als je daarmee komt. Want als je dat niet doet, om wat voor reden dan ook, dan is dat jouw schuld. Waarom leef je niet volledig? Waarom laat je je kansen liggen? Zit je in de WW, dan is dat vast je eigen schuld. Heb je een bijstandsuitkering, dan ben je lui. Heb je een burn-out, dan stel je je aan. Je bent dan een parasiet van de maatschappij.

Nou lekker dan.

Maar ook de meer positieve berichten van mensen, bijvoorbeeld via sociale media, kunnen bijdragen aan de druk om het maximale uit je leven te halen. En ondanks de goede intenties van de persoon die de post plaatst kan het neveneffect toch zijn dat je je minderwaardig voelt.

Het probleem hierin is dat een aantal mensen lijkt voor te schrijven wat een 'vol en succesvol leven' inhoudt. Nuchter gezien zou je verwachten dat dit bij ieder individu ligt, maar we laten ons maar al te graag de les lezen door zogenaamde lifestyle inspirators. Mensen die ons wel even vertellen hoe het leven in elkaar steekt. We vergapen ons aan sterren en hun mooie huizen, of we verlekkeren ons aan de welvaart van miljonairs. Hierdoor hebben we een gigantisch hoge verwachting bij onszelf neergelegd om in de voetsporen te treden van iemand die claimt het perfecte leven te hebben. Maar ook dat kan natuurlijk net zo goed een filter zijn.

Het nemen van verantwoordelijkheid is goed. Het nemen van verantwoordelijkheid om te voldoen aan de eisen die een wildvreemde aan je oplegt is natuurlijk wat anders. Dit geldt niet alleen voor zogenaamde influencers, dit geldt ook voor ons normen en waarden systeem. Ons normen en waarden systeem is nog steeds behoorlijk calvinistisch ingesteld. Hard werken mag worden beloond (Work hard, play hard!), niet lullen maar poetsen en doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg. Allemaal overtuigingen die je gedrag willen beïnvloeden.

Om te willen en blijven voldoen aan het ideaalbeeld dat de samenleving op ons afvuurt moeten we behoorlijk aan wat eisen voldoen. Ik noem de huidige generatie ook nog weleens de 'en-en-en generatie'. Want we willen een goede carriere, en we willen een grote actieve vriendengroep, en we willen naar de sportschool, en we willen gezond eten, en we willen naar de juiste feestjes, en we willen mooie reizen maken, en we willen kinderen, en een hond, of een kat, en we willen een vurige relatie met onze partner, en we willen die nieuwe auto, en we willen .........

Tja... dat gaat niet hè, passen in dat zogenaamde ideaalplaatje.

De vraag is aan jou of je je leven wilt laten bepalen door influencers en de maatschappij, of dat je zelf een koers kiest die jou voldoening geeft.

De mens als sociaal dier

De homo sapiens, wij mensen dus, zijn sociale dieren. We willen, in meer of mindere mate, verbonden zijn met andere mensen. Ondanks dat de huidige economische theorieën uitgaan van het feit dat we zeer competitief zijn ingesteld is het tegendeel waar. We functioneren het beste als we kunnen samenwerken. Evolutionair gezien is dat ook niet zo vreemd. Laat me dat toelichten.

Tot nog niet zo heel erg gek lang geleden leefden wij mensen in relatief kleine gemeenschappen. Een gemeenschap kon uit een paar honderd man bestaan, allicht een paar duizend. Voor de komst van de stoomlocomotief kwam je nagenoeg je dorp niet uit. Niet alleen had je er niets te zoeken, een reis van Groningen naar Amsterdam was een behoorlijke onderneming. Het zal je ook niet verbazen dat het principe van nationalisme pas kwam na de komst van de stoomlocomotief.

Door samen te werken binnen de groep vergrootte je de kans op overleving. Niet alleen voor jezelf, maar ook voor de ander. Door op deze manier samen te werken kon de gemeenschap profiteren en groeien door gebruik te maken van de verschillende talenten en vaardigheden binnen de groep. Moet je eens voorstellen als je in een kleine gemeenschap zou leven en het zou ' ieder voor zich' zijn? Alleen de sterksten zouden overleven, maar hierdoor zou de groep zo uitgedund worden dat de mogelijkheid tot overleven voor de alpha's ook een uitdaging zou gaan worden. Samenwerken en elkaar helpen zit in onze natuur. Bij de ene persoon natuurlijk meer dan bij de ander.

Betrap je jezelf er weleens op dat het geven van een cadeau net zo goed voelt als het ontvangen van een cadeau? Of dat je je goed voelt als je een bekende hebt geholpen met een klus zonder dat je daar in directe zin iets voor terugkrijgt? Denk eens aan alle vrijwilligers die kosteloos hun tijd en expertise inzetten voor een ander. Wikipedia? Linux? En wat dacht je van, voor de gamers onder ons, alle mods die kosteloos beschikbaar zijn om onze game een nieuwe dimensie te geven? Dat goede gevoel dat we krijgen als we iets voor een ander doen, dat interne systeem, stimuleert ons om anderen te helpen.

Is competitie dan totaal verzonnen? Nee. Mensen zijn ook competatief. Denk bijvoorbeeld aan het verkrijgen van 'de mooiste man of vrouw' binnen de gemeenschap, of het verkrijgen van een leiderschapsrol binnen de groep. Wie is de alpha? Competitie bestaat en is prima. Competitie is alleen niet zo prominent aanwezig als dat sommige doen geloven.

Het constant ervaren van competitie is ook voor veel mensen erg vermoeiend. Een wereldbeeld waarin iedere dag een strijd is wie de competitie wint is dan ook slopend voor veel mensen. Alpha's dienen er uitstekend bij, maar de rest kan er behoorlijk onder lijden. Bijzonder toch dat we een systeem accepteren dat maar eigenlijk zo'n klein groepje mensen dient dan? Want lang niet iedereen is de alpha. Hoeft ook niet. Ieders karakter en persoonlijkheid zijn nodig, alpha's en niet alpha's. Laten we ons dan zo imponeren door de zelfverzekerde alpha's dat we onze eigen behoeften vergeten en hun waanideeën over het functioneren van de maatschappij maar klakkeloos overnemen?

Ik lees weleens oproepen van mensen die een assertiviteitstraining zoeken. En dan vraag ik me weleens af of die persoon zich dan zou moeten aanpassen, of dat we met 'n allen eens mogen leren om wat meer na te denken voordat we wat roepen. Het is maar net hoe je ernaar kijkt.

Samenvatting

Laten we nog eens de uitspraak van Shakespeare erbij pakken : All the world's a stage, and all the men and women merely players [...]

Wat is het decor waar wij als wereldburger op mogen verschijnen?

· We hebben een neo-liberaal economisch beleidt dat de belangen van bedrijven en multinationals boven de belangen van de mensen (of het klimaat) stelt;

· Bij veel bedrijven heerst er nog een 'top-down' structuur waarin iedere dag gestreden wordt en er een beloon- en strafsysteem bestaat;

· Door de sterke competatieve markt zijn bedrijven genoodzaakt draconische maatregelen te nemen om de groeicijfers voor de aandeelhouders in stand te houden;

· We worden dagelijks verleid tot de aanschaf van producten en diensten die beweren ons zelfbeeld of geluk positief te kunnen beïnvloeden;

· Er wordt verwacht door de samenleving dat je alles uit je leven haalt en dat je zelf verantwoordelijk bent voor je succes of falen;

· De sociale controle op het succes van je leven wordt zwaarder door het gebruik van sociale media waardoor we meester zijn in het vals presenteren van ons leven;

· Ondanks de, voor velen, innerlijke drang om anderen tot dienst te zijn wordt er vaak van ons verwacht dat we ons constant competitief opstellen.

Vandaar de eerste regel van de titel van deze essay. Het is niet jouw schuld dat je in een burn-out bent geraakt. Als je de levenspositie aanneemt van 'het leven overkomt me', dan kunnen dit soort patronen en maatschappelijke idealen als de standaard worden aangenomen. Je hebt, naar alle waarschijnlijkheid, alles in je leven gedaan om juist een zinvol en gelukkig bestaan op te bouwen. En toch zit je met een burn-out.

Ik hoop van harte dat bovenstaande hoofdstukken je het vertrouwen hebben gegeven dat het niet jouw schuld is. Er is niets vreemds met jou. Maar er zijn wel dingen die je kan doen. Daar gaan we het in het laatste hoofdstuk over hebben.

You got this!

Er wordt weleens gezegd; de maatschapij, dat ben jij! En dat klopt ook. Wij met z'n allen vormen de maatschappij zoals die nu is. Bewust of onbewust, we doen er allemaal aan mee. Hiermee hebben we ook de macht om systemen en denkwijzen te veranderen. Want geen enkel systeem dat door de mens in gecreëerd heeft eeuwig standgehouden. Normen en waarden, economische stelsels, politieke stelsels... ze zijn allemaal aan verandering onderhevig.

Begrijp me niet verkeerd, ik wil je niet aansporen om met een hooivork in de hand naar Den Haag te gaan.

Want naast het wat donkere scenario dat ik tot nu toe geschetst heb biedt deze samenleving ook ontzettend veel kansen en mogelijkheden. We leven in een vrije samenleving die jou de ruimte biedt om je leven in te vullen zoals jij dat wil en kan. Graag geef ik je een aantal suggesties die je kan inzetten om sterker uit je burn-out te komen.

Richt je als eerste op jezelf. Beoordeel eens eerlijk of de keuzes die je gemaakt hebt in je leven echt authentiek waren. In hoeverre heb je je keuzes laten beïnvloeden door de wensen van buitenaf? Bedenk vervolgens eens voor jezelf; wie ben ik echt? Waar sta ik voor? Wat zijn mijn talenten? Wat kan ik de wereld brengen? Gebaseerd op de theorie van Simon Sinek zou je jezelf kunnen afvragen; wat is mijn 'waarom'?

Je innerlijke 'waarom' is je drijfveer. Datgene waardoor je, ook al heb je een kater, 's ochtends je bed uitspringt om aan de slag te gaan. Je 'waarom' helpt je met het maken van keuzes en kan als richtlijn dienen voor je carrière en je leven. Neem eens de tijd om de Gouden Cirkel van Simon Sinek te bestuderen.

Als je gaat solliciteren, bekijk dan ook eens het 'waarom' van de organisatie. Want ondanks dat ik een vrij somber en stereotype beeld heb geschetst van bedrijven beginnen er steeds meer bedrijven hun beleidsvoering op hun 'waarom' te baseren. Een mooi voorbeeld hiervan is het bedrijf CoolBlue. Hun slogan 'Alles voor een glimlach' is in iedere stap terug te vinden. Het zou mij dan ook niets verbazen als de organisatie haar 'waarom' in ieder aspect van de bedrijfsvoering laat terugkomen. Zo wordt geld verdienen niet het doel, maar het resultaat. Wees eerlijk als je een bedrijf benadert, past de 'waarom' van hun ook bij jouw 'waarom'? Ben je op dit moment al voorzien van een baan? Misschien is het dan een mooi moment om jouw 'waarom' te spiegelen aan de 'waarom' van je werkgever.

Vraag tevens aan bedrijven welke vorm van motivatie ze willen inzetten. Een bedrijf dat werkt met bonussen zal sneller een top-down structuur hebben dan een bedrijf dat een meer empathische bedrijfsvoering heeft. Bestudeer voor jezelf wat bij jou past. Welke bedrijfscultuur stimuleert jou om het beste uit jezelf te halen?

Bedenk eens voor jezelf hoeveel geld je daadwerkelijk nodig hebt. Besef dat veel van de spullen die we kopen een tijdelijk geluksgevoel geven. Hoe zou je leven eruit zien als je bijvoorbeeld een dag minder zou kunnen gaan werken? Hoe zou je de extra tijd kunnen inzetten? Zou je meer tijd besteden aan je hobby's, familie of vrienden, of misschien vrijwilligerswerk? Stel jezelf eens de vraag; wat maakt me echt rijk?

Hoe om te gaan met de enorme druk van de sociale media? Mijn antwoord; compassie. Gun de ander het prachtige leven dat ze je voorschotelen. Of het echt is of nep. Zodra je handelt vanuit een gevoel van compassie zul je merken dat jaloezie en afgunst smelten als sneeuw voor de zon. Tenslotte toon je compassie aan de ander om jezelf goed te doen voelen. Als je hier bewust mee omgaat zal je merken dat de sociale druk om in hun evenbeeld te stappen verminderd.

Wees bewust van wat er om je heen gebeurt. Besef dat je niet alles kan en hoeft te beïnvloeden. Maar neem de samenleving en de opgestelde normen en waarden niet té serieus. Bedenk dat alle mens bedachte systemen van tijdelijke aard zijn. Het is dus geen 'wet van Meden en Perzen'. Het klinkt een beetje als in de film 'the Matrix', maar ons wereldbeeld is een weerspiegeling van onszelf. Mijn eigen quote hierin is; Als de wereld een kleurplaat is, dan bepaal jij de kleuren waarmee je gaat werken.

Ik begrijp als geen ander dat de bovengenoemde suggesties erg algemeen zijn. Het kan zijn dat ze niet aansluiten bij jouw situatie. Het is dan sterk aan te raden om professionele hulp in te schakelen zodat je begeleid kan worden in jouw proces. Er zijn veel verschillende vormen van begeleiding mogelijk. Bestudeer eens voor jezelf welke aanpak het beste voor jou werkt en maak er gebruik van!

Interessant naslagwerk

Uiteraard hoop ik van harte dat ik je heb kunnen inspireren om je burn-out anders te benaderen. Graag bied ik je wat titels aan van naslagwerken waar ikzelf ontzettend veel van geleerd heb. Materiaal dat mij geïnspireerd heeft. Misschien kan je er wat mee.

Gratis geld voor iedereen - Rutger Bregman (ISBN 978 90 822 5630 7)

Een ontzettend inspirerend boek dat alternatieven biedt voor onze huidige denkwijze en invulling van de maatschappij.

Dit kan niet waar zijn - Joris Luyendijk (ISBN 978 90 450 2816 3)
In dit boek vertelt Joris Luyendijk hoe de Engelse financiële sector functioneert en welke problemen hebben geleid tot de financiële crisis van 2008.

Het boek van vreugde - Z.H. de Dalai Lama en Aartsbisschop Desmond Tutu (ISBN 978 94 027 1800 3)

Een prachtig geschreven boek vol wijsheden over hoe je kan leven vanuit een innerlijke vreugde. Het boek heeft mij enorm gestimuleerd om anders te kijken naar het leven.

Vind je waarom - Simon Sinek, David Mead en Peter Docker (ISBN 978 90 470 1000 5)

Een praktisch boek dat je kan helpen ontdekken wat jouw 'waarom' is. Het boek omschrijft zowel het persoonlijke proces als het proces voor bedrijven en afdelingen.

Hier nog een aantal YouTube video's die mij geïnspireerd hebben :

- Simon Sinek on Millennials on the workplace

- Simon Sinek - Understanding Empathy

- RSA ANIMATE: Drive: The surprising truth about what motivates us- Existentialism: Crash Course Philosophy #16- The Ultimate Source of Happiness

- Life is NOT a Journey - Alan Watts- Today's Youth Are Depressed, Here's Why...- THE COMMERCIAL THEY DON'T WANT YOU TO SEE

Waarom het eigenlijk best vreemd is dat we op vakantie gaan

Waarom het eigenlijk best vreemd is dat we op vakantie gaan

De periode waar menig Nederlander op zit te wachten is aangekomen; de vakantieperiode. De lavendelgeur van het Franse platteland lijkt al bij het inpakken van de koffers langs onze neus te gaan.  In onze gedachten streelt de Griekse zon ons gezicht al en lijken we de Italiaanse espresso al te proeven. Jazeker, het is weer tijd voor de welverdiende zomervakantie. Als lemmings verlaten we de komende periode ons kikkerlandje om weer bij te laden. Zodat we weer uitgerust terugkomen. En het liefst nog met een bruin kleurtje op de huid.

Lees in dit artikel waarom het zo vreemd is dat we sowieso op vakantie gaan. En wat je eraan kan doen natuurlijk.

Vakantie!

Het principe van de zomervakantie is niet meer weg te denken uit de westerse cultuur. Waar wij Nederlanders over het algemeen op reis gaan naar andere, meer zonnige bestemmingen, blijven mensen in andere landen gewoon in eigen land. En uiteraard willen we, in veel gevallen, weer helemaal terug naar basic. In een tent of caravan. Geen luxe. Wc-rol onder de oksel geklemd. Zittend op een gammel klapstoeltje.

Definitiebepaling

Zoals je allicht van mij gewend bent geraakt start ik altijd, na de inleiding, met een kort stukje over de definitiebepaling. En aangezien tradities in ere gehouden mogen worden zal ik ook deze keer weer een definitiebepaling voorschotelen. Met de vakantie bedoel ik een reis om bij te komen van een jaar werken en/of studeren.

Reizen

Voordat ik verder ga met mijn pleidooi over waarom het concept van op vakantie gaan zo vreemd is wil ik graag een onderscheid maken tussen reizen en op vakantie gaan. Een reis wordt gemaakt om een nieuw deel van de wereld te ontdekken waarbij het concept van ontdekken de boventoon voert. Bij reizen gaat het er dus niet om dat je wilt bijkomen op een welverdiende vakantie, een reis maak je om de wereld te ontdekken. Dit betekent niet dat een reis niet voor ontspanning kan zorgen, maar het is niet het doel van de reis, zoals dat bij een vakantie wel zo is.

De ‘Ratrace’

Om te begrijpen waarom het concept van vakantie zo vreemd is wil ik je uitnodigen om samen met mij onze levens en onze maatschappij eens vanaf een afstandje te bekijken. Alsof je er zelf even geen onderdeel van bent. Alsof we samen even in een kleine ufo zitten en kijken naar de levens hier in Nederland.

Sociaal contract

Stel dat we zouden kijken naar wat de gemiddelde Nederlander zou doen met z’n tijd hier op aarde vanuit onze ufo, wat zouden we dan zien? We zouden mensen zien die zichzelf verplichten om van maandag tot en met vrijdag naar hun werk te reizen om daar arbeid te verrichten. Niet omdat ze dat willen doen, maar omdat ze er geld voor krijgen. Want zo werkt de deal van ons sociaal contract : Jouw Tijd + Jouw Expertise = Jouw Salaris. Niet dat je hier overigens zelf voor gekozen hebt. Zo doen we het nou eenmaal. En als je niet mee doet dan kijken we je scheef aan.

Het verschil tussen ‘willen’ en ‘moeten’

In veel gevallen ervaren we ons werk als moeten. Het is een verplichting en je verantwoordelijkheid om je steentje bij te dragen aan de maatschappij. Dat is in theorie niet vreemd. Het principe dat we iets willen betekenen voor onze (directe) omgeving stamt al sinds het begin der beschaving waarbij eenieder een waardevolle rol op zich nam. Zodra je iets doet om de  gemeenschap te dienen waarbij je jouw karakter en talenten kan inzetten plaatsen we dat onder de noemer ‘zingeving’.

Helaas is dat principe jegens arbeid veelal vervaagd. Tegenwoordig zien velen van ons het werk dat we doen als een verplichting. Om brood op de plank te krijgen. Want zo hoort het. En natuurlijk creëren we mooie uitdagingen om onze banen zo interessant mogelijk te maken. We praten over professionele groei en over promotie. En hoe duurder en funkier je functietitel klinkt, hoe beter.

Maar het helpt allemaal niets. We werken omdat het van ons verwacht wordt, omdat het moet. Omdat de baas zegt dat de target belangrijk is, ondanks dat je diep van binnen voelt dat de wereld echt niet beter wordt door zo’n target. Of dat de deadline echt heel erg belangrijk is, terwijl je aanvoelt dat die deadline ook maar een geprikte datum op de baas zijn kalender is.

Rutger Bregman zei ooit :”We werken ons te pletter, om spullen te kopen die we niet nodig hebben, om mensen te imponeren die we niet mogen.”.

En dus…

Gaan we één keer per jaar eens lekker op onze welverdiende vakantie! Om weer helemaal bij te laden om zo nog een jaar nutteloze werkzaamheden uit te voeren voor een werkgever die jou van een personeelsnummer voorzien heeft. Joepie!

En zo vullen we onze levens. Jaar in, jaar uit.

Best vreemd hè.

Maar wat dan wel?

Confucius stelde ooit dat ‘Een man die plezier heeft in zijn werk niet werkt’. En dat is een principe waar ik me als loopbaancoach volledig in kan vinden. Zodra je leert dat je jouw steentje kan bijdragen aan de maatschappij met het leveren van een product of dienst waarbij je een probleem op lost dat je aan het hart gaat en waarbij je jouw talenten kan inzetten… dat je werk helemaal niet als werk aanvoelt.

En dat je dus helemaal geen vakantie nodig hebt. Omdat je van ‘moeten’ naar ‘willen’ bent gegaan.

Kan je dat geld mooi ergens anders voor gebruiken.

Wat zou een goede investering zijn?

Hoe jij je geld uitgeeft ligt natuurlijk helemaal bij jou. Maar hoe zou het zijn om je huidige loopbaan eens onder de loep te nemen? Om eens op de pauze knop te drukken om samen met een loopbaanprofessional te bespreken of je carrière uit ‘moeten’ of uit ‘willen’ bestaat.

De wereld heeft jouw talenten nodig… #juistnu

Go Local!

Go local!

Sinds heden is deze slogan bijna niet meer weg te denken uit ons denkbeeld. Marketeers en hipsters bombarderen ons met deze nieuwe zienswijze. Waar we voorheen maar al te graag globaliseerden zijn we nu in het stadium gekomen dat onze klantengroep ook prima uit hetzelfde dorp mogen komen. En daar kleven behoorlijk wat voordelen aan.

Niet dat ik hier een economisch- of een milieutechnisch pleidooi wil gaan houden. Dat laat ik maar al te graag aan anderen over. Wat mij wel zeer aantrekt hierin is het concept van commitment. En dan niet alleen tussen klant en opdrachtgever,maar ook een grotere commitment van uw personeel jegens uw organisatie.

Dat is niet vreemd. Eén ieder van ons heeft de behoefte om een zinnige bijdrage te willen leveren aan zijn omgeving. Om arbeid te verrichten waarvan het doel hoger ligt dan hunzelf. Evolutionair gezien heeft deze saamhorigheid al voor behoorlijk veel progressie gezorgd.

Het menselijk brein is in staat om een netwerk van maximaal duizend mensen bij te houden. Alles daarboven vertroebeld in de gedachten, ons brein kan dat simpelweg niet aan. Dus het idee dat we onze diensten of producten leveren aan een wildvreemde klant ergens op deze aarde is prima voor het bankbalans, maar zorgt voor disconnectie met de afnemer en een grotere kans tot desinteresse jegens het werk. Onbekend maakt onbemind.

Hoe mooi is het als u een product of dienst kan afleveren aan iemand die u kent? Dat u het plezier kan aflezen van uw klant's gezicht? Maar ook dat u allicht uw product of dienst gebruikt ziet worden? We ervaren op zo'n moment een euforisch gevoel, we maken iemand blij die we direct of indirect kennen. We leveren een bijdrage aan de groei van onze community. En dat voelt goed, voor u en uw werknemers.

Ondanks alle voordelen van het Go Local principe blijft de hunkering naar inkomsten vaak de boventoon voeren. Want als u kan kiezen tussen een rijkelijk beloonde opdracht buiten de regio of een kleinere opdracht binnen in uw community, waar kiest u dan voor?